Basisbereikbaarheid – time is running out

GESCHREVEN DOOR BRAM SEEUWS

GEPUBLICEERD OP 22 FEBRUARI 2021

BLOG – Basisbereikbaarheid, hét woord dat iedere beleidsmaker of mobiliteitsexpert de afgelopen jaren ettelijke malen in de mond heeft genomen. Ook auto- en fietsdelen moeten een belangrijk onderdeel gaan uitmaken van het nieuwe openbaar vervoerssysteem. Als beleidscoördinator bij Autodelen.net geef ik graag mijn kijk op een aantal opportuniteiten en bezorgdheden.   

Vanaf januari 2022 staan grote veranderingen op til op vlak van mobiliteit in Vlaanderen. Op dat moment zal immers de omschakeling van basismobiliteit naar basisbereikbaarheid gemaakt worden. Trein-en kernnet moeten de backbone van ons openbaar vervoer worden, aangevuld met aanvullende buslijnen. Om de gaten in het netwerk te vullen zal beroep gedaan worden op het zogenaamd Vervoer op Maat (VoM)”. Voor die VoM oplossingen wordt ook gekeken naar auto-en fietsdeelsystemen. Er dienen zich dus mooie opportuniteiten aan voor deelmobiliteit, al worden deze opportuniteiten toch wat overschaduwd door één grote bezorgdheid namelijk de grote tijdsdruk

Bricks

Het proces rond basisbereikbaarheid werd in 2014 door de vorige Vlaamse Regering opgestart. Sinds de goedkeuring van het decreet in 2019 hebben de 15 nieuwe vervoerregio’s de handschoen opgenomen om het mobiliteitsbeleid op lokaal en regionaal niveau vorm te geven. Dat resulteert stilaan in concrete openbaar vervoer en VoM-plannen. De tijd om deze deze plannen te realiseren – de start is voorzien op 1 januari 2022 – is evenwel (te?) strak.

Allereerst is het weinig realistisch om alle deelauto’s en -fietsen die onderdeel zijn van VoM (respectievelijk zo’n 200 en 1000) operationeel te hebben tegen januari. Het aanbesteden en gunnen van dergelijke diensten kost nu eenmaal tijd. Bovendien is de wereldmarkt, zeker op vlak van fietsen, oververhit waardoor de levertijden oplopen.

Verder ligt er ook op vlak van infrastructuur nog een pak werk op de plank. Zo zijn er momenteel nog maar een 35-tal mobipunten, terwijl deze punten essentiële schakels worden binnen basisbereikbaarheid. Dat de Vlaamse Regering meer dan 100 miljoen euro uittrekt voor de inrichting is positief. Toch ben ik bezorgd dat kwantiteit de bovenhand zal nemen van kwaliteit. Ik pleit er dan ook voor om de kwaliteitseisen te garanderen en rekening te houden met de wensen van reizigers, inwoners en operatoren.

Bites

Naast de bricks zal basisbereikbaarheid ook een digitale component krijgen, namelijk de mobiliteitcentrale oftewel Hoppincentrale. Het is de ambitie van de Vlaamse Overheid om finaal te komen tot een publiek MaaS-platform. In maart 2020 lanceerde de Vlaamse Overheid de overheidsopdracht voor deze centrale. Als alles meezit zou de gunning volgende maand moeten gebeuren. Toch is het weinig waarschijnlijk dat vanaf januari een volwaardige mobiliteitscentrale actief zal zijn. Het integreren van verschillende operatoren vergt immers tijd. Zo zijn er vanuit auto- en fietsdeelaanbieders bijvoorbeeld nog vraagtekens over de technische standaarden die zullen gebruikt worden.

Ook is er nog onduidelijkheid over welke afspraken er zullen gelden tussen Hoppin’ en aanbieders. In dit kader is het positief dat de Vlaamse Overheid op dit moment werk maakt van een afsprakenkader rond MaaS, al is ook daar de timing om tot een gedragen compromis te komen zéér strak.

Uitstel is geen afstel

De afgelopen jaren is er door heel veel mensen keihard gewerkt om van basisbereikbaarheid een succesverhaal te maken. 10 maanden voor de start ben ik bezorgd dat we in januari een light-versie gaan krijgen van basisbereikbaarheid. Noch de eindgebruiker, noch de overheid en/of operator is gebaat bij een valse start. Ik ben dan ook grote voorstander van een uitstel met minstens 6 maanden zodat er een volwaardig systeem operationeel is.

Verder roep ik ook op om te kijken naar good practises uit onze buurlanden. Zo werkt het Berliner Verkehrsbetriebe, zeg maar de Berlijnse De Lijn, met een white label MaaS-platform (level 2) waarbij een 15-tal mobiliteitsdiensten op hun Jelbi-stations boekbaar zijn. Dergelijke pilots kunnen dus zéér leerrijk zijn voor Vlaanderen en Hoppin’. Je hoeft immers niet altijd het warm water uit te vinden.

In 2010 zong Muse time is running out, een mooie beeldspraak voor de timing van basisbereikbaarheid. Het nummer doet me alvast zin krijgen in Shared Mobility Rocks 2021: Rock Around The Clock. Ik kijk alvast uit naar Studio Kampala om meer te weten te komen over gedeelde mobiliteit in Afrika!