Federaal regeerakkoord biedt kansen voor gedeelde mobiliteit

Goed nieuws, er is een federale regering, we zien investeringen in het openbaar vervoer en er is plaats voor deelmobiliteit. We blijven echter kritisch over het ontbreken van echte maatregelen om salariswagens te beperken, autobezit te verminderen en gedeelde mobiliteit aan te moedigen.

                  Gepubliceerd op vrijdag 2 oktober 2020

We zijn verheugd te lezen dat de regering De Croo fors zal investeren in het spoor en van België een internationale treinhub wil maken. We scharen ons voorts achter de plannen om een versnelling hoger te schakelen richting zero-emissie openbaar vervoer en salariswagens. We missen hier echter wel een duidelijk uitdoofscenario voor salariswagens. Het verlonen van werknemers onder de vorm van private auto’s is een achterhaald en asociaal concept en heeft een negatieve impact op de files en de leefbaarheid van onze steden.

De nieuwe regeringsploeg wil tegen 2026 inzetten op emissievrije deelmobiliteit. Het moet uiteraard de ambitie zijn om als maatschappij zo snel mogelijk de nefaste klimaatimpact van transport naar nul te brengen en deelmobiliteit speelt hierin nu reeds een belangrijke voortrekkersrol. Autodelen in Vlaanderen  bv. loopt qua elektrificatie mijlenver voor op de reguliere vloot van voertuigen. Binnen de vloot van deelwagens is een op de zes elektrisch aangedreven, onder de private voertuigen is dat een op zestig.

Dat deelmobiliteit bij naam genoemd wordt is dus een erkenning voor haar voortrekkersrol op vlak van zero emissie mobiliteit. Uiteraard is enige nuance op haar plaats. In de eerste plaats kan deze regel in 2026 nog niet gelden voor burgers die een privéwagen willen delen. Het zou al te gek zijn dat particulieren die hun wagen willen delen daar gestraft voor zouden worden. Bovendien zal een inhaalbeweging nodig zijn op vlak van betrouwbare en betaalbare laadinfrastructuur. Hiervoor is, gezien de Belgisch bevoegdheidsverdeling, nauwe samenwerking met de gewesten vereist. 

We blijven de verdere concretisering op de voet volgen.